Home >> Informatie >> Paardenvaccinatie  

Enting voor influenza/tetanus vaccinatie van uw paard met gratis gebitscontrole.

 

Equine influenza oftewel paardengriep is een bekende ziekte voor de meeste paardeneigenaren. Natuurlijk laat je je paard dan ook regelmatig vaccineren tegen deze ziekte. Maar hoe gevaarlijk is influenza bij je paard nu eigenlijk? Wat kun je ertegen doen? Wanneer is de beste tijd om je paard te vaccineren en hoe vaak?

Paardengriep is een zeer besmettelijke ziekte van de luchtwegen en wordt veroorzaakt door het equine influenzavirus. Er zijn verschillende varianten van het virus bekend, die veelal worden vernoemd naar het gebied waar ze voor het eerst ontdekt zijn. De symptomen van de ziekte zijn koorts, hoesten, versneld ademen, neusuitvloeiing en gewichtsverlies. Meestal verloopt de ziekte mild, maar paardengriep kan ook levensbedreigende symptomen, zoals een ernstige longontsteking veroorzaken. Hoewel veulens van goed gevaccineerde moederdieren tot ongeveer zes maanden antilichamen tegen influenza in hun bloed kunnen hebben, kan influenza paarden van alle leeftijden treffen. Het is daarom belangrijk ook uw paard tegen influenza te vaccineren. Zelfs paarden die nooit van hun eigen land of boerderij afkomen, dienen toch gevaccineerd te worden: mensen kunnen het virus nu eenmaal met zich meedragen en op uw paard overbrengen.

Griepprik halen

Vanaf zes maanden leeftijd kan het jonge paard gevaccineerd worden.. De basisvaccinatie bestaat uit meerdere vaccinaties, bij voorkeur met hetzelfde vaccin. Een goede en volledige basisvaccinatie is essentieel voor een degelijke en snelle immuniteitsopbouw. Ook in de toekomst, als het paard ouder wordt, zal het daar na iedere herhalingsvaccinatie nog profijt van hebben. De basisvaccinatie bestaat uit een eerste vaccinatie op de leeftijd van zes maanden, de tweede vaccinatie zo'n vier tot zes weken later en derde vaccinatie ongeveer vijf maanden later. Hierna moet, afhankelijk van het gebruikte vaccin, één dan wel twee keer per jaar gevaccineerd worden ('booster'-vaccinatie). Net als bij 'mensengriep 'kan vaccinatie tegen de paardengriep nooit voor 100 procent ziekteverschijnselen voorkomen. Vaccineren zorgt er wel voor dat de kans verkleind wordt en dat eventuele symptomen veel milder zijn. Het paardengriepvirus is continu aan verandering onderhevig. Een vaccin dient daarom ook regelmatig te worden aangepast.

 

Andere maatregelen

Er zijn -naast vaccinatie- nog andere maatregelen die genomen kunnen worden om een paard tegen de paardengriep te beschermen. Zo is het raadzaam nieuwe paarden altijd meteen een tijdje apart van de anderen te plaatsen, het liefst minstens drie weken. Zet het nieuwe paard zover mogelijk van de anderen, houd op zijn minst een lege box tussen de dieren. Verzorgers van het nieuwe paard dienen van de andere paarden weg te blijven. Als dat onmogelijk is dienen zij, nadat ze met de nieuweling in contact zijn gekomen, hun handen goed te wassen, hun laarzen te ontsmetten en zich om te kleden. De nieuweling moet elke dag gecontroleerd worden op de aanwezigheid van koorts. Indien het dier koorts krijgt, dient er een neusswab genomen te worden zodat paarden griep kan worden aangetoond of uitgesloten.

 

Tetanus

Tetanus wordt veroorzaakt door de bacterie Clostridium tetanie. Deze bacterie komt overal om ons heen voor. Infectie gebeurt na een steek- of snijwond of een wondinfectie. Paarden zijn zeer gevoelig voor deze bacterie. Na infectie gaat de bacterie zich vermeerderen en zal een gifstof vormen waardoor in de spieren kramp ontstaat. Tijd tussen besmetting en ziektebeeld is ongeveer een week. Tijdens het verloop van het ziektebeeld breidt de kramp zich vanuit de kaak uit over het gehele lichaam (de kaakspieren verkrampen het eerst). Zodra de kramp de ademhalingsspieren bereikt, sterft het paard. Behandeling is zeer omslachtig. Het beste kan daarom preventief worden gevaccineerd. In de meeste gevallen worden paarden gevaccineerd tegen tetanus door middel van een combinatievaccinatie met influenza.

Laatste aanpassingen 14-03-2017
© 2018 Dierendoc info@dierendoc.nl